Een mogelijke oorzaak voor dit fenomeen is een te hoge meetfrequentie. Stel dat een afstand van 2m moet worden gemeten. Dan moet de puls een afstand van 2 x 2 = 4 m afleggen (via reflectie). Bij een geluidssnelheid van 300 m/s duurt dat 4/300 = 13,3 milliseconden.

Als nu de meetfrequentie op 100 Hz staat dan wordt de volgende puls na 10 ms verzonden, dus voordat de reflectie van de eerste is gearriveerd. Als dan 3,3 ms later de reflectie van de 1e puls opgepikt wordt, dan wordt deze geïnterpreteerd als de reflectie van de 2e puls. Er wordt dan een tijdsduur van 3,3 ms gemeten. Dit komt overeen met een afstand van 3,3/300/2 = 0,55 m: een veel kleinere waarde dan de verwachte 2 meter.

De meetfrequentie voor deze sensor is maximaal 1/(2d/v), waarbij d de te meten afstand is (m) en v de geluidsnelheid (m/s). In dit voorbeeld is dat 1/(2×2/300) = 75 Hz. N.B.: Dit is de uiterste (theoretische) waarde. In de praktijk blijkt dat de meetfrequentie voor dit type sensoren nooit hoger dan 25 Hz ingesteld moet worden en bij grotere afstanden nog lager, om ruis e.d. te voorkomen.

In de sensorhandleiding vindt u nog andere tips en trucs die u kunt toepassen om metingen met uw afstandssensor nóg nauwkeuriger te maken