De installatie van Coach 7.4 voor Windows is aangepast, zodat het docentwachtwoord niet gereset wordt na de installatie van een nieuwe versie. Dit betekent dat een bestand met daarin het docentenwachtwoord niet overschreven wordt tijdens de installatie. Op sommige computers werkt een directe installatie (een installatie zonder de oude versie te verwijderen) van Coach 7.4 niet op de juiste manier. Op deze computers wordt het oude bestand toch verwijdert, terwijl deze niet vervangen wordt door een nieuw bestand. Hierdoor kan de volgende foutmelding verschijnen: “Kan wachtwoordbestand niet lezen. Het ontbreekt of is corrupt”. Er zijn twee manieren om dit op te lossen.
1. Installeer eerst de oude versie van Coach voordat Coach 7.4 wordt geïnstalleerd, of
2. Herstel het programma vanuit het ‘programma’s en onderdelen’ (via configuratiecentrum) van Windows.

Coachlocal.ini is een bestand met algemene instellingen voor Coach. Dit bestand staat in de Documents folder van de gebruiker er moet geopend kunnen worden door Coach. Sommige beveiligingspakketten belemmeren de toegang van Coach tot de Documents folder van de gebruiker.

Wanneer u de melding krijgt dat coachlocal.ini ontbreekt, moet er gecontroleerd worden of er beveiligingspakketten (bijvoorbeeld antivirus software) geïnstalleerd zijn die de toegang tot de Documents folder kunnen blokkeren. Wanneer dit het geval is, zal in de beveiligingspakketten de Documents folder vrijgegeven moeten worden voor Coach.

Voor het gebruik van Coach 7 gelden de volgende minimale systeemeisen:

Voor Windows

  • Windows 7 of nieuwer;
  • Pentium 4 / 2,4 GHz processor of nieuwer;
  • 300 MB vrije schijfruimte;
  • 512 MB RAM (1 GB aanbevolen).

Voor Mac

  • OS X 10.11 El Capitan of nieuwer;
  • 300 MB vrije schijfruimte;
  • 512 MB RAM (1 GB aanbevolen).

Meer informatie over Coach 7 vindt u in de installatiehandleiding en de speciale Coach 7 pagina.

Nee, een speciale server-client netwerkinstallatie zoals voor Coach 6 beschikbaar was, is niet meer noodzakelijk voor Coach 7. Coach kan zonder problemen op een netwerklocatie worden geïnstalleerd, waarna gebruikers het uitvoerbare bestand vanaf die locatie kunnen openen. Wanneer Coach voor het eerst gestart wordt door een nieuwe gebruiker, worden enkele configuratiebestanden (o.a. CoachLocal.ini uit de installatiemap) gekopieerd naar de lokale mappen van de gebruiker (AppData\Local\CMA\Coach7). In Coach.ini in de installatiemap van Coach kunnen de paden naar enkele belangrijke locaties worden aangepast, zoals de locatie van een licentiebestand. Zie de Installatiehandleiding voor meer informatie.

Bij de MSI-installatie kunnen verschillende opties worden toegevoegd, kijk hiervoor in de installatiehandleiding. Gebruik de opties LICENSENAME en LICENSECODE om de licentieinformatie bij alle installaties te gebruiken. Voor een installatie op een netwerklocatie kan een vaste locatie voor het licentiebestand worden aangegeven door Coach.ini aan te passen. Hiervoor moet eenmalig Coach worden gestart om het licentiebestand te genereren op de standaardlocatie.

Zorg dat de volgende zaken in orde zijn:

  1. Download en installeer het CMA-certificaat op alle betrokken computers.
  2. De rootcertificaten van Microsoft en VeriSign moeten up-to-date zijn. Als u alle Windows-updates van Microsoft uitvoert, dan moeten deze normaliter up-to-date zijn.

Bekijk voor installatiegerelateerde problemen eerst de installatiehandleiding van de software (zie Downloads). Volg de stappen in de handleiding nauwkeurig op. Neem contact op met de helpdesk als er zich aanhoudende problemen voordoen.